vrijdag 22 april 2016

Waar is eerste heipaal van Dukenburg?

Op vrijdag 22 april 1966 kort na 15.00 uur sloeg burgemeester Charles Hustinx de eerste heipaal voor stadsdeel Dukenburg de grond in. Hoewel de vijf meter lange betonnen paal nooit enig gebouw zou ondersteunen en naar verluid ergens onder een parkeerterrein in Aldenhof verstopt zit, is deze gebeurtenis vandaag de aanleiding om het startsein te geven voor de viering van 50 jaar Dukenburg.

Ter gelegenheid van het halve eeuwfeest houdt burgemeester Hubert Bruls een speech, wordt de Dukenburg Run gelopen, is de lancering van de Canon van Dukenburg en zijn er een spelshow en optredens. De feesten passen uitstekend in dit Kroonjaar, waarin Nijmegen ook bijvoorbeeld de honderdste Vierdaagse en de doortocht van de Giro d’Italia viert.

Ter voorbereiding op de feesten kwam bij het Regionaal Archief Nijmegen de vraag binnen waar nu die eerste heipaal is gebleven. Het onderzoekje begon in de krant. De Gelderlander van 23 april 1966 gaf een aanwijzing. Die verhaalde dat ‘de plaats waar het ‘startschot’ werd gelost [was in] de zuidwesthoek van de Aldenhof, ongeveer op de hoek van Vossendijk en Staddijk’. Hier verrezen zogenoemde Muwi-flats.

Fragment van de speech die burgemeester
Hustinx uitsprak vóór het slaan van de eerste paal
Van de gebeurtenis in 1966 werden filmbeelden in kleur geschoten, met bijbehorend geluid. In de minuten 1:21 tot 5:44 zien we dat burgemeester Hustinx over de Staddijk aan komt rijden, zich in ‘service-dress’ steekt, met plechtige stem zijn redevoering uitspreekt en vervolgens de hei-installatie in werking stelt. De tekst van de redevoering vond ik terug in het archief van de Secretarie van de gemeente Nijmegen 1946-1984, maar helaas: geen exacte plaatsaanduiding. Een beschrijving bij een foto van de plechtigheid in onze beeldbank noemt wel een redelijk precieze plaats: de 34ste tot en met 37ste straat van Aldenhof.

Het verhaal dat de heipaal die Hustinx de bodem in joeg uiteindelijk niet werd gebruikt komt van niemand minder dan de geestelijk vader van Dukenburg, de in 2005 overleden stedenbouwkundige Anton Olivier. In het boek Dukenburg. Een ideaal in beton met een groene rand uit 2000 vertelt hij dat Hustinx vóór zijn vertrek als burgemeester graag de openingshandeling verrichtte, maar dat nadien de bouwplannen wijzigden en de heipaal onder een parkeerplaats verdween.

woensdag 20 april 2016

Cartularia broederschappen nu digitaal ontsloten


Kaft van cartularium B
(Heilig Kruis)
De Digitale Studiezaal heeft een kleine maar bijzondere aanvulling gekregen op het gebied van de nadere toegangen. Het betreft gegevens uit de vier cartularia die zich in het archief van de broederschappen bevinden onder de inv.nrs. 1791-1794. Een aantal van 268 records is toegevoegd met daarin 1732 namen.

Een cartularium is een register waarin de teksten van charters, die door de archiefvormer belangrijk werden gevonden, werden overgeschreven (deze teksten worden dan afschriften genoemd). Het Regionaal Archief Nijmegen beschikt over meerdere van dit soort stukken, waaronder de vier in het archief van de Nijmeegse Broederschappen. In de cartularia staan interessante gegevens over eigendommen van de broederschappen, over gerelateerde rechtshandelingen en natuurlijk over de personen die erin genoemd worden. De cartularia stammen uit de 15e eeuw en zijn tot in de 16e eeuw bijgehouden. Het oudste charter waarvan een afschrift is gemaakt stamt uit 1307, het 'jongste' uit 1565.

Opengeslagen cartularium B
(Heilig Kruis)
Soms legt informatie een lange weg af voordat het online wordt gepresenteerd. In 1891 werd de Inventaris van het Oud-Archief der Nijmeegsche Broederschappen voltooid door dhr. J.G.Ch. Joosting. In zijn inventaris heeft Joosting regesten (samenvattingen) van charters en van afschriften in de cartularia opgenomen (voor zover de overgeschreven charters niet meer aanwezig waren in het archief). Deze regesten zijn allemaal overgetypt door dhr. Eijkhout, een oud-vrijwilliger van het RAN. De overtypte regesten zijn door een medewerker toegevoegd aan de Digitale Studiezaal. De digitale regesten vormen nu een handige nadere toegang op de cartularia.


vrijdag 15 april 2016

Ooggetuigenverslagen uit de Tweede Wereldoorlog in de bibliotheek en in het archief

‘Waarom schrijf je me niet – Post uit de vergetelheid’ is een rondreizende tentoonstelling waarin verhalen over de vervolging en vernietiging tijdens de Tweede Wereldoorlog worden verteld aan de hand van geschreven brieven, dagboekfragmenten en foto’s. Komende maandag (18 april) strijkt de expositie neer in de Openbare Bibliotheek aan het Mariënburg.

Journalist en programmamaker Ad van Liempt opent de tentoonstelling maandagavond met een lezing over de Tweede Wereldoorlog en over poststukken die soms het laatste tastbare bewijs zijn van het leven van iemand uit het verzet, een Joods kind, slachtoffers van de gruwelijkheden van de nazi’s.

Als Regionaal Archief Nijmegen en ‘buur’ van de Openbare Bibliotheek raden wij een bezoek aan de tentoonstelling en lezing van harte aan. Wie zoekt in onze archieven, en dan met name in de collectie Tweede Wereldoorlog, zal ook verschillende voorbeelden van ‘vergeten post’ uit de Tweede Wereldoorlog aantreffen. Het bekendst is wellicht de verzameling briefkaarten die de Joodse vrouw Kitty de Wijze in 1942 schreef terwijl ze op transport was gesteld naar vernietigingskamp  Auschwitz. De kaarten die ze uit de trein gooide bereikten wonderwel de geadresseerden en vonden uiteindelijk hun weg naar het archief. Nu en dan laten we enkele ervan zien tijdens rondleidingen. Op dit moment zijn (reproducties van) de kaarten te zien in het Huis van de Nijmeegse Geschiedenis, als onderdeel van de expositie Joods Nijmegen in woord en beeld, vluchtelingen toen en nu.

Deel van een brief van Dora Heijnen over
het bombardement van 22 februari 1944
Maar we hebben meer. Bijvoorbeeld de brieven die Dora Heijnen in 1944 en 1945 vanuit Nijmegen naar haar familie in Rotterdam stuurde, met verslagen van het bombardement op Nijmegen en de bevrijding van de stad een half jaar later. Of een drietal Engelstalige brieven die Canadese militairen, in 1945 gelegerd in deze omgeving, van het thuisfront ontvingen. Zij belichten de oorlog van de zijde van de familie die, ver van hun naasten in de oorlog, evenzeer moeilijke tijden moesten doorstaan.

Vertederend is ook de tekst op een doorslag van een briefje dat een verliefd meisje schreef aan een geallieerde soldaat die verder Duitsland in trok. In fonetisch Engels verwoordde ze hoe ze zich voelde:

‘Lieve Bill, kom kwik bek uit schuime.
(…) Efridee automobiel langs streeft me denk Bill (…) you is the looliest Boi in woreld. Aai loof you. Kom kwik bek uit schuime. (Germany) Schuimen no koet Kurrels no koet allen slets. (…) Aai lykt to merrie you soen. Wen I denk an you aai plandi kraayen moeten. Aai stik soms from kraaien…’

Getekend, ‘You Kurrel’.

De tentoonstelling in de Openbare bibliotheek kan tot 30 mei worden bezocht, de genoemde stukken in het Regionaal Archief Nijmegen zijn (tenzij ze te kwetsbaar zijn voor raadpleging) op aanvraag te bekijken.