donderdag 31 december 2015

Doornroosje: van de koek en de rand

2008 (Bron: affichecollectie RAN)
Onlangs is bij het Regionaal Archief Nijmegen (RAN) het archief van jongerencentrum Doornroosje over de jaren 1968-1999 beschikbaar gekomen voor het publiek . Het verhaal van Doornroosje is natuurlijk het verhaal van de pop-, rock-, punk- en housemuziek in Nijmegen vanaf de roerige jaren zeventig. Over al die concerten en bands, maar ook over de vele theatervoorstellingen en filmfestivals is in dit archief vanzelfsprekend het een en ander terug te vinden. En ook de circa 1200 affiches (tot en met 2014) die zich in het archief bevinden, getuigen van het motto We Do Music. 



Kroeglogboek Doornroosje, 1994    (Bron: archiefcollectie RAN)
Maar in het archief is ook terug te vinden wat er in bijvoorbeeld 1994 zoal werd gedraaid in de kroeg van Doornroosje. Daarnaast is Doornroosje het verhaal van actie tegen de gevestigde orde. Als in 1986 vrijwilligers en bezoekers van de kroeg in opstand komen tegen de gevestigde orde van Doornroosje zelf (de kroeg wordt bezet en uiteindelijk zelfs door de politie ontruimd), dan dringt dat tot ver in de Randstad door. Doornroosje reageert op een artikel in het Amsterdams alternatieve blad De Koekrand: "Door middel van het ongekontroleerd mixen van feiten, meningen, interpretaties en woorden is een verzonnen sprookje ontstaan. Enkele feiten willen we hierbij vermelden:

Groenewoudseweg, 1980
(Bron: fotocollectie RAN)
1. Doornroosje is gedurende de maanden juli en augustus, ondanks vakantie, open gebleven. Vanaf 25 augustus (…) vinden er weer de vaste aktiviteiten plaats: fitness, cursussen, concerten, feesten en is uiteraard de kroeg en 'twinkeltje geopend. (…)
2. Doornroosje is geen centrum voor bepaalde jongeren. Het is een stedelijk jongerencentrum voor jongeren die er komen en die in relatie met de andere gebruikers/werkersters hun aktiviteiten willen uitvoeren.
3. Er zijn en worden geen vrijwilligers afgedankt omdat de staf een ander beleid wil voeren. Bezoekers of medewerkers worden geweigerd of bedankt als ze zo 'lastig' zijn dat ze een lijfelijke bedreiging of intimiderende houding ten opzichte van de rest aannemen. En dan wordt er zelfs eerst een poging ondernomen om 'on speaking terms' te komen."

Maar Doornroosje is niet in de laatste plaats het verhaal van heel veel mensen in wier leven Doornroosje op de een of andere manier een rol heeft gespeeld. Kleine glimpsen van hun verhaal komen we in dit archief voortdurend tegen, bijvoorbeeld in de vele 'logboeken' waarin bezoekers door de jaren heen hun ontboezemingen met de wereld hebben gedeeld. Wat gaat er bijvoorbeeld schuil achter het enigszins treurige berichtje dat rond 1980 werd opgeschreven in het Theehuis?

"Vrijdag 15 mei
Basje weg maar niet vergeten
Kroeglogboek Doornroosje, 1996 (Bron: archiefcollectie RAN)
Een andere Basje komt zaterdag terug hoop ik heel erg …"

Of Basje ooit is teruggekomen, we weten het niet. Het is waarschijnlijk niet dezelfde Bas die op 5 februari 1996 tijdelijk van de drank ging en al op 8 februari in Doornroosje ontdekte dat je ook zonder alcohol kunt feesten als een beest. Met de nieuwe locatie aan het Stationsplein gaat 'Roosje' een fantastische toekomst tegemoet, maar het heeft dus ook een verleden om U tegen te zeggen.

Rob Meijer

dinsdag 15 december 2015

Derde archief van Nijmeegse volksuniversiteit openbaar

Vanaf deze week is het archief van de Volksuniversiteit Nijmegen en Omstreken (VUNO) 1978-1996 toegankelijk voor onderzoekers en geïnteresseerden: de inventaris is te raadplegen op de digitale studiezaal en de stukken zijn in te zien in de studiezaal van het Regionaal Archief Nijmegen (RAN). Het is het derde archief van een Nijmeegse volksuniversiteit dat we in huis hebben.

De volksuniversiteit, een instituut voor volwasseneneducatie, heeft in Nederland al een lange historie: de eerste werd in 1913 in Amsterdam opgericht. Op 15 december 1920 (vandaag 95 jaar geleden) kondigde De Gelderlander aan dat ook in Nijmegen spoedig een volksuniversiteit het licht zou zien. ‘Een nieuw teken van sprankelend katholiek leven in onze stad’, zo jubelde de (katholieke) krant. Een maand later volgde de opening.

Die eerste Nijmeegse volksuniversiteit was een rooms-katholieke. Zij fuseerde in 1967 met de in 1931 opgerichte Algemene Volksuniversiteit Nijmegen, waarbij de fusieorganisatie laatstgenoemde naam aanhield. Ook van deze onderwijsinstelling hadden wij het archief al. De volksuniversiteit werd in 1973 opgeheven onder de voorwaarde dat een werkgroep na enige tijd een volksuniversiteit ‘nieuwe stijl’ zou oprichten.

Eerste advertentie van de Volksuniversiteit,
De Gelderlander 15 december 1920
Drie jaar later kwam langzaam een heroprichting van de grond. Nadat de eerste cursussen in 1977 begonnen, volgde de ‘officieuze’ oprichting van de VUNO in mei 1978. Formeel werd de vereniging in maart 1979 opgericht. Zij gaf niet alleen cursussen op uiteenlopende gebieden, maar organiseerde ook bijvoorbeeld culturele avonden, filmvoorstellingen en buitenlandse reizen voor taalcursisten.

De VUNO bestaat tot op heden. Vorig jaar schonk de vereniging haar archief tot en met 1996 aan het RAN. Daarmee hebben we nu in totaal één strekkende meter aan archieven van drie opeenvolgende volksuniversiteiten.

dinsdag 8 december 2015

Het 'heylschenkend vreede-verbond' in proza en poëzie

In 2009 stond onze stad uitgebreid stil bij de Vrede van Nijmegen (1678-1679), een serie vredesakkoorden die destijds een einde maakte aan oorlogen tussen vrijwel alle grootmachten in Europa. Terwijl kinderen op Franse scholen vandaag de dag nog leren over de ‘Traité de Nimègue’, was deze gebeurtenis in Nijmegen wat in de vergetelheid geraakt. Maar sinds 2009 verschijnen er publicaties over de Vrede en kun je stadswandelingen lopen langs plaatsen die een rol speelden tijdens die gebeurtenis. Ook wordt om de twee jaar in de Sint-Stevenskerk de Vrede van Nijmegen Penning uitgereikt aan een persoon of instelling die zich inzet voor vrede in Europa.

De laatste jaren was het voor Vrede van Nijmegen-geïnteresseerden (en andere lezers) vooral reikhalzend uitkijken naar De ochtendgave, een roman over de Vrede van Nijmegen die A.F.Th. van der Heijden in 2009 beloofde te schijven. Eerder onthulde de schrijver het eerste hoofdstuk, maar nu is het hele boek dan echt voltooid. Van der Heijden vertelde er maandag al over in De Wereld Draait Door. Natuurlijk staat het voor u klaar in de gele aanwinstenkast in onze studiezaal, en later in ons depot.

Er is nóg een Vrede van Nijmegen-aanwinst voor onze bibliotheek. Onlangs verwierf het Regionaal Archief Nijmegen het gedicht Zeege-iuyging over het heylschenkend vreede-verbond, geschreven door Anna Maria Paauw en uitgegeven in 1678. Op 20 november kwam het stuk goed ingepakt op het archief aan. Met ontsmette, bijna trillende handen ontvouwde ik het kwetsbare papier waarna mijn collega’s en ik sprakeloos het pamflet in dichtvorm aanschouwden.

Het gedicht in gepaard rijm getuigt van de eloquentie van de Haagse dichteres. Het begint als volgt…

De Moort-volpropte borst, der Bloedige Belloone,
Die so lang d’Eendrachts-band dorst haer Tryomphkroon hoone,
En op haer Vloek-karos, volbracht Vorst Mavors zucht,
Nu voor de Luyster van de groote Vree-Nimph, vlucht.

…en gaat zo nog 88 versregels door. De tekst is dus allerminst eenvoudig te lezen: hij staat bol van symbolische verwijzingen en kan met gemak als onderwerp van een flinke literatuurstudie dienen. De plaats waar de vredesonderhandelingen destijds plaatsvonden doet Paauw in regels 17-18 enigszins omfloerst uit de doeken:

En Styld u pronkstandaart, in Magus oude Wallen,
Die Bato, naderhand vernieuwde voor ‘t vervallen

Vanwege de kwetsbaarheid van het stuk zal het niet zomaar op te vragen zijn uit de bibliotheek. Geïnteresseerden zullen het moeten doen met een goede scan ervan.

maandag 7 december 2015

Nieuwe te indexeren bronnen op VeleHanden

Het Regionaal Archief Nijmegen (RAN) heeft per 7 december weer twee projecten online staan op VeleHanden. Vrijwilligers kunnen via dit internetplatform helpen bij het ontsluiten van de historische deelnemersregisters van de Nijmeegse Vierdaagse en van de oudste bevolkingsregisters van Nijmegen. De scans van deze bronnen staan nu online; helpt u mee met het indexeren?

Vele Voeten

Bron: Fotocollectie Regionaal
Archief Nijmegen, F40415
Naast overheidsarchief beheert het RAN een groot aantal particuliere archieven, waaronder die van de Koninklijke Nederlandse Bond voor Lichamelijke Opvoeding (KNBLO), de organisator van de Nijmeegse Vierdaagse. Dat in 2016 de 100e Vierdaagse wordt gelopen is een mooie aanleiding om de deelnemersregisters in het KNBLO-archief nader te ontsluiten. In de deelnemersregisters en -lijsten kan men verschillende gegevens terugvinden: wie deed er mee en wanneer, bij welk regiment of welke vereniging liep hij/zij mee, haalde deze persoon wel de eindstreep? Het betreffen interessante gegevens voor bijvoorbeeld wandelliefhebbers, genealogen en sporthistorici. U kunt online helpen bij het indexeren van de deelnemersregisters uit de jaren 1921-1939. Als u wilt helpen bij het indexeren van de registers en lijsten uit de periode 1941-1987, kunt u zich melden op de studiezaal van het Regionaal Archief Nijmegen.

Klik hier om naar het VeleHanden-project te gaan.

Oudste bevolkingsregisters van Nijmegen

Bron: Fotocollectie Regionaal
Archief Nijmegen, F46545
Eerder werden de bevolkingsregisters over de jaren 1850-1890 succesvol geïndexeerd door de vrijwilligers van VeleHanden; nu is de beurt aan de oudste bevolkingsregisters van de stad over de jaren 1820-1850, voor zover die bewaard zijn gebleven. Voor 1850 was er nog geen sprake van een consequente bevolkingsregistratie; voor zover dit gebeurde, werd deze taak uitgevoerd door zogenaamde wijkmeesters met het oog op bedeling uit de armenfondsen. De bevolkingsregisters bevatten interessante informatie: namen van personen, hun beroepen, burgerlijke staat, gezinssamenstelling en meer. Ze zijn interessant voor genealogen en familieonderzoekers, maar ook voor wetenschappelijk onderzoek naar historische demografie.

Klik hier om naar het VeleHanden-project te gaan.

Doel

Opengeslagen bladzijde
deelnemersregister Vierdaagse
Het doel van de indexering van de bronnen in kwestie is om de bezoekers van het RAN een betere toegankelijkheid te kunnen bieden tot het archiefmateriaal. Zij kunnen straks online zoeken op naam of op locatie en bladeren door de scans. Alle ingevoerde gegevens zullen worden opgenomen in de Digitale Studiezaal; de opgebouwde indexen zullen tevens beschikbaar worden gesteld als (linked) open data. Al met al een weer een belangrijke stap vooruit in de toegankelijkheid van de collectie van het Regionaal Archief Nijmegen.

Beloning

Het Regionaal Archief Nijmegen waardeert uw bijdrage zeer! De top 10 invoerders van elk VeleHanden-project ontvangt van ons een presentje in de vorm van een boek. De opgespaarde punten kunnen worden ingezet om of afdrukken van foto’s uit onze beeldbank of scans te kopen.

maandag 30 november 2015

Boeken schrijven met archieven

Geregeld verschijnen er grotere en kleinere publicaties die zijn geschreven op basis van stukken uit ons archief. De afgelopen weken gebeurde dat opvallend vaak, te beginnen met De vrouw met de bijl en negen andere moordenaressen door Steffie van den Oord. Zij bestudeerde tien moordzaken uit de periode 1712-1946, verspreid over het land, en verwerkte de gegevens tot evenveel korte (soms zeer korte) verhalen. In één ervan vertelt de Nijmeegse Sofie van Bemmel hoe zij in 1712 haar moeder, die levensmoe is, met een bijl uit haar lijden verlost. Ze wordt wegens doodslag veroordeeld tot… dat mag je in het boek zelf lezen. Van den Oord schreef het stukje aan de hand van processtukken in het Oud Rechterlijk Archief der Stad Nijmegen.

Een andere regelmatige bezoeker van het archief, Anton de Wildt, presenteerde op 7 november op ludieke wijze het boek Kensingtonstraat Nijmegen-Oost. Herinneringen aan het verblijf van een Brits regiment aan het einde van de Tweede Wereldoorlog. Het resultaat van een jaar lang speuren, interviewen en schrijven. Zijn onderzoek bracht hem ook naar Engeland, waar hij veel informatie verzamelde over het betreffende Kensingtonregiment en hij een veteraan bezocht. Zijn bijzondere ontmoeting en wat daaraan voorafging zijn opgetekend in het boek.

De Cuijkse journalist Twan Dohmen gebruikte onder andere de archieven van Brouwerij Bergzicht, de familie Van den Broek en het Nijmeegse Brouwersgilde om tot zijn overzicht van bierbrouwerijen in het Rijk van Nijmegen te komen. Het resultaat: Van mol tot Raaf. Bier in het Rijk van Nijmegen. Het boek gaat zeker niet alleen over de vroegere brouwerijen. Integendeel: de recente opbloei van het brouwersgilde komt uitgebreid onder de aandacht. Een overzicht van biercafés completeert het boek.

Verder hebben we de afgelopen maanden nog een flink aantal publicaties opgenomen. Enkele oudere publicaties:
En vooral veel nieuwe:
Volop keuze uit Sinterklaas- of kerstcadeaus dus (niet op het archief te koop, wel in te zien...)!

dinsdag 24 november 2015

Chatten met een archiefmedewerker.

Het archief biedt bezoekers tot het eind van het jaar de mogelijkheid om te chatten met medewerkers. Tijdens de proefperiode kunt u van dinsdag tot en met vrijdag tussen 13.30u en 16.30u via de chatfunctie op de Digitale Studiezaal direct online u vragen aan ons voorleggen.
Chatten maakt het voor ons mogelijk om direct uw vragen te kunnen beantwoorden. Het is sneller dan het sturen van een mail en biedt extra mogelijkheden ten opzicht van telefonisch contact. Zo kunnen links worden doorgestuurd en kunnen we u beter op weg helpen in de Digitale Studiezaal. Het chatten gaat niet ten koste van andere vormen van dienstverlening. Vragen kunnen ook via e-mail en de telefoon gesteld blijven worden en uiteraard blijft u ook van harte welkom in de studiezaal op het Mariënburg.
Naast de ruim zesduizend keer dat de studiezaal aan de Mariënburg het afgelopen jaar werd bezocht, wisten bezoekers om en nabij de 200.000 keer digitaal hun weg te vinden naar het Regionaal Archief Nijmegen. Chatten is een uitgelezen mogelijkheid om ook die bezoekers van dienst te zijn.
Het Regionaal Archief Nijmegen sluit met het aanbieden van chatten aan bij een landelijke trend. Zo kunnen bezoekers van bijvoorbeeld het Brabants Historisch InformatieCentrum en het Gelders Archief al geruime tijd chatten met archiefmedewerkers. Uit de ervaringen van de andere archiefdiensten en klantenonderzoek blijkt dat bezoekers van archieven het chatten zeer waarderen.
Bij een succesvolle test zal de chatfunctionaliteit een vaste plek krijgen op de Digitale Studiezaal. Tot die tijd is de chatfunctie te vinden op de startpagina van de Digitale Studiezaal. In het tijdsblok dat de chatfunctie beschikbaar is kan een bezoeker een gesprek starten door op de gelijknamige knop te drukken. Er opent dan een gespreksvenster. 
We zijn erg benieuwd wat u van deze extra dienstverlening vindt. Probeer het vooral een keer uit en leg digitaal uw vragen aan ons voor over het verleden van de stad. We staan graag voor u klaar!

UPDATE JANUARI 2016: De pilotperiode is inmiddels afgerond en op basis van de resultaten is besloten voorlopig geen vervolg te geven aan deze pilot. De chatfunctie zal vooralsnog geen vast onderdeel van onze dienstverlening gaan uitmaken.

maandag 9 november 2015

60 jaar stoppen voor rood licht

Een feestelijke viering blijft waarschijnlijk uit, maar vandaag is het precies zestig jaar geleden dat in Nijmegen het eerste verkeerslicht in gebruik werd genomen. Geloof het of niet, maar wat nu een alledaags object is, veroorzaakte destijds een hoop reuring in de stad.

Eigen foto
Het ’stoplicht’ heeft een lange geschiedenis. Op 10 december 1868 verscheen het eerste in Londen, als experiment. Het werkte op gas en bleek geen succes: na een jaar raakte een agent die de installatie bediende door een gaslek in de lamp zwaar gewond, waarna het gevaarte verdween. Cleveland (Ohio, VS) nam in 1914 het eerste elektrische verkeerslicht in gebruik, Den Haag had in 1928 de Nederlandse primeur (of was het Eindhoven?). In de jaren dertig verschenen de eerste verkeerslichten zoals wij ze kennen, met rood, geel en groen onder elkaar en aparte lichten voor voetgangers.

In Nijmegen was nog geen behoefte aan verkeerslichten. Het bescheiden wagenpark had vóór de Tweede Wereldoorlog nooit grote verkeersproblemen opgeleverd. De files die in de dertiger jaren voor de veerstoep bij de Waal stonden verdwenen met de opening van de Waalbrug in 1936. Omdat er zo weinig snelverkeer was, gebeurden er weinig ongelukken. De voorrangsregels voldeden. Maar begin jaren vijftig werd de auto ook voor de gewone Nederlander betaalbaar. Het gemotoriseerde verkeer groeide explosief, wat leidde tot opstoppingen en gevaarlijke situaties op belangrijke kruispunten.

Handmatige bediening
Op 12 oktober 1955 besloot de gemeenteraad een krediet van 160.000 gulden (ruim 72.000 euro) te verlenen voor het aanbrengen van automatische verkeerslichtinstallaties op zes kruisingen in de stad. Ze zouden worden geplaatst op de singels rond het centrum, op de Graafseweg en de St. Annastraat. Meest urgent was echter de kruising van Ziekerstraat, Molenstraat en Plein 1944 – tegenwoordig nota bene autovrij!

De gemeente koos voor de diverse kruisingen verschillende soorten verkeerslichten. Op het kruispunt Molenstraat-Ziekerstraat geschiedde de bediening handmatig door een verkeersagent, die midden op het plein naar eigen inzicht de lichten op rood of op groen zette. Op 9 november 1955 berichtte De Gelderlander dat deze installatie in gebruik was genomen. Burgemeester Hustinx nam op 3 januari 1956 een knipperverkeerslicht op de kruising Groenestraat-St. Annastraat in gebruik. En het eerste volautomatische verkeerslicht verscheen in april op de kruising van Groenestraat en Graafseweg. In juli werden drie installaties aan de Oranje- en St. Canisiussingel in werking gesteld. Zij hadden al drempels die het verkeersaanbod detecteerden en daarop konden reageren.

Door rood rijden
De verkeerslichten leverden aanvankelijk nieuwe problemen op. Waren automobilisten voorheen voorzichtig bij het naderen van kruisingen, nu reden zij bij groen licht vaak op volle snelheid door. Op de singels was onduidelijk of het verkeer op de ventwegen gelijktijdig mocht doorrijden.

In de volgende decennia verschenen verspreid door de stad steeds meer verkeerslichten, die de veiligheid leken te vergroten, maar de doorstroming van het verkeer niet altijd ten goede kwamen. Sinds de jaren negentig maken steeds meer verkeerslichten daarom plaats voor minirotondes. Op dit moment telt de gemeente nog 121 kruisingen met verkeerslichtinstallaties.

Verkeerslichten werden geleidelijk onderdeel van het straatbeeld, maar maken tot op de dag van vandaag vele tongen  los: over de verkeerde afstelling, te lange wachttijden, installaties die worden verwijderd en natuurlijk over door rood licht rijden. Want ook dat gebeurt al zestig jaar…

donderdag 29 oktober 2015

Geschiedenis en Frans - Een verrassende combinatie.

Enkele weken geleden kwam docent geschiedenis, Niek Saris van het Mondial College bij me met de vraag of het Regionaal Archief Nijmegen samen met hem, wilde werken aan een project voor 12 leerlingen Atheneum 4 met Frans of geschiedenis in hun pakket. Het centrale thema zou worden, de geschiedenis van Franse invloeden in Nijmegen door de eeuwen heen. Het belangrijkste uitgangspunt was dat de scholieren zelf op onderzoek moesten gaan naar die invloeden in onze archieven. Ik was meteen enthousiast. De verrassende combinatie van de vakken Frans en geschiedenis leverde genoeg inspiratie op.
Samen besloten we om vier onderwerpen te kiezen:
Convent de Notre Dame aan de Dobbelmannweg achter de Groenestraatkerk RAN F16134














De Franse kloosterorde Les Filles de la Sagesse. Over de rol van de Franse kloosterorde Les Filles de la Sagesse in het Katholieke onderwijs in Nijmegen. Denk aan de oprichting van de kweekschool  voor meisjes aan de Groesbeekseweg en het Frans pensionaat Notre Dames des Anges in Ubbergen.



Franse taal- en cultuurinvloeden in de Nijmeegse kranten. In advertenties in kranten werd veelvuldig gebruik gemaakt van Franse namen voor allerlei producten, instellingen en beroepen.

De Waalse kerk. De geschiedenis van de Franstalige protestantse geloofsgemeenschap in Nijmegen. Het ontstaan daarvan en van de kerk aan de Franse plaats.
Archiefkist en collectebus Église Wallonne. RAN. Archief Waalse Gemeente. inv. 78 en 79.
(Foto: Paul van der Flier)

















Franse invloed op regelgeving en wetgeving. De introductie van de burgerlijke stand. De naamsaanneming. De huisnummering. Het  kadaster en de militaire dienst. 

Rondleiding.
Dinsdag 20 oktober was het zover. Nadat de leerlingen ‘s morgens binnendruppelden  met hun docenten Niek Saris (Geschiedenis) en Ankie de Jonge (Frans), verzorgde ik allereerst een rondleiding van een uur. Uiteraard liet ik veel authentiek bronnenmateriaal zien. Het enthousiasme van de leerlingen en docenten werd niet onder stoelen of banken gestoken.

Introductie huisnummers. 1817. RAN. Secretarie Gemeente Nijmegen (1810-1946) inv. 40141.
(Foto: Paul van der Flier)
Aan de slag.

Aangestoken door het archiefvirus gingen de leerlingen daarna zelf aan de slag. Tot 14:00 werd er driftig gezocht in de digitale studiezaal met behulp van computers, laptops en tablets. Microfiches werden gescand. Kranten en foto’s gedownload.
In de Cloud werd ondertussen geconcentreerd gewerkt aan verslagen en presentaties.
Tijdens de gemeenschappelijke evaluatie na afloop bleek dat het bezoek voor iedereen een fantastische ervaring was. Zowel leerlingen als docenten waren enthousiast over de dag en gaven aan graag terug te komen. En ik..., ik bleef geïnspireerd achter. Hoeveel mogelijkheden zijn er niet, voor nog meer verrassende combinaties van vakken en onderwerpen? Geschiedenis en biologie, geschiedenis en aardrijkskunde, geschiedenis en economie...


Wordt vervolgd…

dinsdag 20 oktober 2015

Open archieven, open data

Al geruime tijd wordt er door vrijwilligers en medewerkers van het Regionaal Archief Nijmegen gewerkt aan de nadere ontsluiting van interessante bronnen voor genealogisch onderzoek. Intussen zijn er al veel namen uit de Nijmeegse DTB-boeken te vinden in de Digitale Studiezaal. Het betreft doopregisters, huwelijksregisters en begraafregisters van verschillende religieuze groeperingen uit de periode van ongeveer 1600 tot aan de invoering van de burgerlijke stand.
Foto: Renier van de Giessen

Deze gegevens zijn nu niet meer enkel beschikbaar via de eigen website van het Regionaal Archief Nijmegen, maar ook als open data. Dat betekent dat de gegevens niet alleen in onze database berusten, maar dat ze ook kunnen worden gebruikt door andere partijen (zoals ontwikkelaars). Om de gegevens goed beschikbaar te kunnen stellen is gebruik gemaakt van het zogenaamde A2A-model, het datamodel dat ook wordt gebruikt door WieWasWie. Dit datamodel zorgt ervoor dat de genealogische gegevens uit onze database geschikt zijn voor uitwisseling en hergebruik, dat er ook daadwerkelijk sprake is van open data.

Wat levert het op? Het idee achter open data is dat andere partijen interessante, nieuwe toepassingen bedenken voor de gegevens in kwestie. Een gevolg kan ook zijn dat de oorspronkelijke gegevens worden verrijkt met nieuwe gegevens. Zo heeft Open Archieven de dataset al geïmporteerd en kunnen voorzien van links naar scans op FamilySearch. Door gegevens open te stellen als open data, kunnen ook mogelijke fouten of inconsistenties in de data worden opgemerkt; analyses daarvan kunnen vervolgens worden gebruikt om de database van het RAN te verbeteren.

Op de website van Open Cultuur Data kunnen meer datasets van het RAN worden gevonden, waaronder de onlangs aan de Open Cultuur Data-api toegevoegde dataset van affiches (scans en metadata) van poppodium Doornroosje. De affiches staan al langere tijd op Flickr, maar zijn ook beschikbaar als open data. Het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid heeft hier al gebruik van gemaakt voor een interactieve tentoonstelling.

woensdag 14 oktober 2015

De archiefbibliotheek verzamelt... en verkoopt!

Na tweeënhalve maand werd het wel weer eens tijd voor een update van de aanwinsten voor de bibliotheek van het Regionaal Archief Nijmegen. Waarom deze zolang op zich liet wachten? Daarover straks meer.

Verzameld
Eind augustus ontvingen we een bijzonder setje publicaties: de oorlogsdagboeken van S.C. Wagenmaker en zijn zoon Frits. Het gezin Wagenmaker bewoont tijdens de Tweede Wereldoorlog een herenhuis aan de Oranjesingel. Als de bevrijding in september 1944 op handen is begint vader, directeur van een grindhandel, een dagboek bij te houden. De dan 13-jarige Frits volgt zijn voorbeeld, maar het spreekt voor zich dat beiden een verschillende kijk hebben op het oorlogsgebeuren. In de dagboeken komt duidelijk naar voren dat de Nijmegenaren tijdens de zogenoemde frontstadperiode zo goed en zo kwaad als het gaat hun gewone leven proberen voort te zetten. Houd onze weblog in de gaten, want dit najaar schrijft mijn collega Paul meer over de dagboeken.

Verder hebben we de afgelopen maanden de volgende publicaties opgenomen:

Een pagina uit het te veilen boek De Jaargetijden
uit 1871
In de verkoop
De laatste maanden ben ik druk doende geweest met de voorbereidingen voor een grote boekenverkoop, daarom liet dit blogbericht een tijdje op zich wachten. De archiefbibliotheek wordt flink uitgedund en daar kunt u uw voordeel mee doen!

Op zaterdag 24 oktober van 13.00 tot 16.30 uur, tijdens het evenement 024geschiedenis, vindt in de studiezaal van het archief een boekenmarkt plaats. Een kleine 2000 boeken, brochures, affiches en audiovisueel materiaal gaan in de verkoop. Het zijn publicaties die wij (meer dan) dubbel hebben of die inhoudelijk niet meer in ons collectieprofiel passen. De opbrengst komt ten goede van het restauratieproject van het middeleeuwse gebedenboek van Maria van Gelre.

Het zal u niet verwonderen dat de meeste boeken een geschiedkundige inslag hebben. Er is het nodige aan Nijmeegs materiaal, veel over Gelderland, Nederland en de grensregio. Ook de Tweede Wereldoorlog is goed vertegenwoordigd. En verder van alles en nog wat, uiteenlopend in ouderdom van pas twee tot ruim driehonderd jaar. De meest bijzondere boeken zullen worden geveild, bieden is mogelijk tot 15.30 uur.

Voor meer informatie over de boekenmarkt en 024geschiedenis, klik hier.

dinsdag 13 oktober 2015

Muurreclame na 90 jaar weer zichtbaar

Advertentie van het bedrijf van F. Delvoix en Zoon.
De Gelderlander, 31 december 1919.
Bron: digitale studiezaal Regionaal Archief Nijmegen
Het Vlaamsch Broodhuys aan de Van Broeckhuysenstraat 54 stond afgelopen zaterdag in De Gelderlander met een foto van een pas ontdekte muurschildering in hun winkel. Het kleurige kunstwerkje was vanachter een laag groene verf te voorschijn gekomen. Het siert de winkelier dat hij de schildering deel uit laat maken van het nieuwe winkelinterieur.

Voor mij was dit bericht een aanleiding om in het weekeinde een onderzoekje naar de schildering te doen. Al jaren probeer ik namelijk in kaart te brengen welke muurreclames in Nijmegen te vinden zijn (en waren). Het resultaat is deels te vinden op Noviomagus.nl.

De schildering in het Vlaamsch Broodhuys toont een keurig geklede man die in een weiland bij een wit spandoek tussen twee houten palen staat. Op het spandoek staat:

F. DELVOIX EN ZN
SCHILDERS
(ZI)EKENSTR 110   WERKPL 146

F. Delvoix wordt in adresboeken voor het eerst in 1898 als schilder genoemd. Tien jaar later staat hij op Ziekerstraat 41 vermeld, terwijl J.P. Delvoix, zijn broer en ook schilder, op nummer 40 woont. In de periode 1910-1926 bewoont F. Delvoix Ziekenstraat 110. Zijn werkplaats bevindt zich verderop in de straat, op nummer 146. Getuige een artikel in de Provinciale Geldersche en Nijmeegsche Courant koopt hij op 30 september 1926 het pand Jacob Canisstraat 1a/1b, waarna hij daarheen verhuist.

Ouderdom van de schildering
Uit het voorgaande blijkt dus al dat de schildering moet dateren uit de periode 1910-1926. Voor de bouw van het woon-winkelcomplex Van Broeckhuysenstraat 50-54 is echter pas in 1926 een bouwvergunning verleend, zo blijkt uit het digitaal gebouwendossier van de gemeente Nijmegen. Voor die tijd lag het terrein braak.

De Ziekerstraat in 1923 met rechts de blinde gevel waar het
huidige Vlaamsch Broodhuys drie jaar later vóór werd gebouwd.
Bron: Regionaal Archief Nijmegen
Een reclameschildering op een binnenmuur is weinig effectief. Was de schildering dan misschien aangebracht op de buitenmuur van het achtergelegen pand, dat al uit 1914 dateert? Een foto uit onze beeldbank en een bezoekje aan de winkel op maandagmiddag brachten de uitkomst: de blinde zijmuur van het achterliggende pand was inderdaad volgekalkt met reclameschilderingen. De schildering van Delvoix is dus tussen 1914 en 1926 aangebracht. Aardigheid: van enkele andere schilderingen die op de foto uit 1923 zichtbaar zijn, zijn ook nog fragmenten terug te vinden in en rond het Vlaamsch Broodhuys.

Na de voltooiing van Van Broeckhuysenstraat 50-54 in 1926-1927 vestigde zich op nummer 52-54 de meubelzaak van de firma M. Puplichuizen-Murrer. Waarschijnlijk is de muurreclame toen – inmiddels bijna 90 jaar geleden – onder een verflaag verdwenen. Wie had gedacht dat die het daglicht ooit weer zou zien?

PS: een lezer van dit blogbericht wees erop dat op de onderste foto de werkplaats van F. Delvoix en Zn te zien is. Het wordt aangeduid met een schildering op het huis links van de poort, links van de man met de witte hoed. Daar staat: F. Delvoix en Zoon / Huisschilders. Heel oplettend!

donderdag 17 september 2015

De Sonobox©

Het doornemen van een nog niet geschoond archief is als het uitpakken van presentjes op sintnicolaasavond. Elke doos herbergt een verrassing. Doorgaans verflauwt de aandacht voor deze verrassing snel, waarna met gretigheid een volgende doos geopend wordt. Maar soms tref ik iets wonderlijk genoeg om me tot mijn buurman te wenden met de woorden ‘wat ik nu toch vind’. Zonder zijn werkzaamheden te onderbreken humt hij dan even om aan te geven dat hij geïnteresseerd luistert.

Foto: Renier van de Giessen
Gistermiddag ontdekte ik in een foedraal een Sonobox©; een zwart doosje met een startknop, een pauzeknop en een volumeregelaar. Niet alleen ik stond versteld van dit uiterst eenvoudig vormgegeven apparaat, ook al mijn collega’s verbaasden zich erover. Dat het een vernuftig machientje was, een toonbeeld van geslaagd design, daarover waren we het snel eens. Maar wat konden wij ermee? De Beeld en Geluidwiki leerde mijn buurman dat het ‘een aparte afspeeleenheid’ was, ‘ter grootte van een gebalde vuist’, waarmee audiofragmenten in encyclopedieën konden worden afgespeeld. Inderdaad vond ik, in hetzelfde archief, een handleiding en vier dikke banden uit de Decenniumreeks van de Grote Oosthoek.

Hulpvaardig als altijd kwamen onze collega’s van dienstverlening met batterijen naar boven gesneld, zodat we met eigen ogen het wonder van een Sonobox© in werking konden aanschouwen. In de banden van de Grote Oosthoek waren plastic bladen opgenomen waarop de audiofragmenten waren geperst. We plaatsten de Sonobox© hierop en zetten hem aan. Het geluid was niet optimaal, maar toch goed genoeg om kleine reportages te horen die verdieping boden bij de onderwerpen die in de ‘sonoboeken’ aangesneden werden. Ademloos luisterden we naar wat de Sonobox© ons te melden had over het proces van Neurenberg, over drugs en over Surinamers.

Foto: Renier van de Giessen
Maar wat konden wij ermee? De Sonobox© is nooit doorgebroken en heeft buiten de Decenniumreeks in Nederland nooit enige toepassing gekend. Het is daarom zeer de vraag of er ooit enig Nijmeegs archiefmateriaal opduikt dat enkel met de Sonobox© ontsloten kan worden. Voordat hij weer wordt opgeborgen om een stille en onzekere toekomst tegemoet te gaan, zal hij nog eenmaal spreken. In de nacht van 24 op 25 oktober, tijdens de 24 uur van de Nijmeegse geschiedenis, zal hij in de studiezaal van het Regionaal Archief lemma’s voorlezen uit de Grote Oosthoek voor wie luisteren wil.

De demonstratie van de Sonobox© is komen te vervallen. In plaats daarvan zal op zaterdagmiddag tussen 13.00 en 16.30 in het Regionaal Archief Nijmegen een boekenmarkt worden georganiseerd. Komt allen!

Tekst: Andreas Caspers

zondag 6 september 2015

Het Regionaal Archief Nijmegen in 3D

Het Regionaal Archief Nijmegen (RAN) is flink op weg met het digitaliseren van haar gegevens. De beeldbank bevat tienduizenden foto's van stad en streek en je kunt verschillende films uit de collectie van Nijmegen Blijft in Beeld bekijken, zomaar vanuit de luie stoel. De belangrijkste kranten en adresboeken zijn in te zien en te doorzoeken, de bibliotheekcatalogus staat online en bovendien ook onze archiefinventarissen. Naar het archief hoef je haast 'alleen nog maar' om de boeken en originele stukken daadwerkelijk in te zien. Hoe lang het nog gaat duren voordat je ook dáárvoor niet meer de deur uit hoeft...?

Het RAN laat incidenteel boeken en archiefstukken scannen om ze integraal zichtbaar te maken, zoals dat is gebeurd met bijvoorbeeld de gedrukte uitgave van de Rekeningen der stad Nijmegen en met middeleeuwse charters. Ook zijn de bevolkingsregisters uit de tweede helft van de negentiende eeuw gescand en door vrijwilligers van het project VeleHanden geïndexeerd, zodat de belangrijkste gegevens hieruit gemakkelijker te vinden zijn.

Het archief aan het Mariënburg op Google Earth. De foto's zijn gemaakt
omstreeks 12 juni
Met de huidige mogelijkheden lijkt het nog onbegonnen werk om al onze archiefstukken, boeken en kranten door de scanner te halen. Maar wat niet is kan nog komen, digitale ontwikkelingen gaan immers razendsnel. Zo ontdekte ik deze zondagavond als fervent 'Google Earthavonturier' dat het archief zélf nu al driedimensionaal is vastgelegd, net als bijna heel Nijmegen trouwens. De stad voegt zich hiermee in het rijtje van New York, Tokyo, Parijs en Amsterdam - om maar enkele andere wereldsteden te noemen.

vrijdag 21 augustus 2015

Middeleeuwse bronnen Gebroeders van Limburg bij het Regionaal Archief Nijmegen

In het laatste weekend van augustus viert Nijmegen al haast traditioneel het Gebroeders van Limburgfestival. Bij het Regionaal Archief Nijmegen bevinden zich meerdere en belangrijke bronnen over het leven van deze meesters van de middeleeuwse schilderkunst. In het Van Limburgweekend van 29 en 30 augustus 2015 stelt het Archief haar deuren open om de middeleeuwse bronnen in origineel te kunnen bewonderen en kunt u zich oefenen in het middeleeuwse schrift.

'Item Joh[ann] es de Lymborgh',
de opa van de Gebroeders in het middeleeuwse Burgerboek 
de lymborgh
De oudste vermelding van een Van Limburg in de Nijmeegse archieven vinden we in het zogenaamde 'Cives recepti'-register, het burgerboek van de stad Nijmegen. Bij de als burger van de stad ingeschreven personen vinden we daar in 1366 ene Johannes de Lymborgh vermeld. Dit is de grootvader van de gebroeders Limburg. De namen van de gebroeders vinden we niet in het burgerboek. Zij hoefden zich ook niet meer apart als burger in te laten schrijven. Met de inschrijving van hun opa behoorden hij en zijn afstammelingen tot de burgerij van Nijmegen.

'Item hermanno maelwael de pictura busse nollikens cursoris xxvii'
betaling aan Herman Maelwael in de oudst bewaarde stadsrekening van Nijmegen
Maelwael
De moeder van de Gebroeders was Mette Maelwael. Ook de kunstenaarsfamilie Maelwael komen we natuurlijk tegen in de Nijmeegse archieven. In de oudste bewaard gebleven stadsrekening uit 1382 lezen we dat Mette's oom Herman betaald wordt voor het beschilderen van een bodebus voor de stadsbode Nolliken. Zeer waarschijnlijk zal Herman de Nijmeegse adelaar op de bus hebben aangebracht. Nolliken kon zo als Njimeegs gezant met de nodige vrijheden door Europa reizen, want dat hij dat deed kunnen we ook in die rekening lezen. Herman Maelwael werkte ook voor Hertog Willem I van Gelre. En uit de rekeningen van die hertog weten we dat Herman voor Willem ook bodebussen beschilderde. En natuurlijk nog veel meer.

In het Van Limburgweekend toont het Archief de hertogelijke rekening, in bruikleen van het Gelders Archief, en de stadsrechtbevestiging uit 1377 van de avontuurlijke hertog Willem I - zie ook de website van de re-enactmentgroep Het Woud der Verwachting. In de Schepenprotocollen kan men te weten komen welke bezittingen de Van Limburgs in Nijmegen hadden en de Landbrief van 1418 is prachtig vanwege de mooie zegels en belangrijk als bron voor de Gelders identiteit. Allemaal te zien op het Festival.

Middeleeuws Nijmeegs alfabet en papier
Uit deze middeleeuwse bronnen heeft het Archief een eigen middeleeuws Nijmeegs alfabet samengesteld, waarmee u zich kunt oefenen in het lezen en schrijven van middeleeuws schrift. Het schrijven kunt u doen op zelf geschept papier. Medewerkers van het Archief en de middeleeuwse boekbinderij De Papieren Eenhoorn willen u daar graag bij helpen. Boekbinderij De Papieren Eenhoorn is op het Van Limburgfestival  aanwezig in de Openbare Bibliotheek, een mooie gelegenheid om de onlangs geopende doorgang tussen Archief en Bibliotheek te gebruiken en eens een middeleeuws rondje op het Marienburg te maken.





vrijdag 14 augustus 2015

150 jaar stad aan het spoor (3)

Op 8 augustus 1865 reed de eerste trein Nijmegen binnen: een historische gebeurtenis die van grote invloed was op de toekomst van de stad. Een blijvende herinnering aan de opening van de spoorweg naar Kleef liet bijna twintig jaar op zich wachten. In 1884 was de onthulling van het kunstwerk dat we nu kennen als het spoorwegmonument. Niet bij het spoor, niet ter plaatse van het inmiddels opgeruimde station, maar bij de ingang van het Valkhof. Een vreemde plaats en een raar moment. Of niet?

Fragment van een ontwerptekening van het spoorwegmonument
in schaal 1:20. Bron: Regionaal Archief Nijmegen
In de laatste algemene vergadering van de Nijmeegsche Spoorweg-Maatschappij (NSM) op 17 november 1882 opperden diverse leden om de directie een huldeblijk te schenken, voor haar inzet voor de aanleg van de spoorlijn. De directie vond dat een te grote eer, maar ging wel akkoord met de oprichting van een monument dat zou herinneren aan de totstandkoming van de spoorlijn. Daarop werd in 1883 een ‘Commissie voor de oprichting van een herinneringsteeken aan het tot stand komen van den spoorweg Nijmegen-Cleve’ ingesteld, met als voorzitter raadslid J. Berends.
Gemeentearchitect J.J. Weve maakte een ontwerp voor het gedenkteken: een sokkel van Bentheimer zandsteen en kalksteen, bekroond door een zinken beeld van Victoria, de Romeinse godin van de overwinning. Dit beeld werd een afgietsel van een kunstwerk dat C.D. Rauch in de periode 1838-1845 had gemaakt door voor het Walhalla in Regensburg.

De juiste plaats
In het najaar van 1883 bakkeleide de gemeenteraad over een geschikte locatie. Het college van Burgemeester en Wethouders wilde het monument aan het bovengedeelte van de Nassausingel of aan de Stationsweg (de huidige Van Schaeck Mathonsingel) in het nieuwe gedeelte van de stad, maar tuinarchitect L. Rosseels wees deze plaatsen af: een monument van deze omvang zou hier niet passen. De eerder genoemde commissie gaf de voorkeur aan een plaats op het Valkhof: daar kwam meer publiek, dus zou het beeld meer aandacht krijgen en minder snel worden vernield. De plaats was zo gekozen dat het monument niet de aandacht van andere historische gebouwen zou afleiden.

Ook droeg de commissie aan dat een lommerrijke plek van belang was voor de werking van de weerkundige instrumenten die aan de sokkel van het monument zouden worden bevestigd: een thermometer, een barometer en een zogenoemde weertelegraaf, waarop je de luchtdruk en de vochtigheidsgraad kon aflezen (het plaatsen van weerszuilen was in deze tijd erg populair). Zonlicht bleek echter geen probleem. Hierop stelde wethouder Thijssen voor om het monument vóór sociëteit Burgerlust te zetten, ter plaatse van een oude pomp bij de ingang van het Valkhof.

De oudste foto van het Spoorwegmonument in onze beeldbank,
gedateerd 1885
Onthulling
Na het plaatsen van een mal van het monument op de beoogde plaats bij Burgerlust hakte de raad op 27 oktober de knoop door: zij ging in meerderheid akkoord met de locatie vóór Burgerlust. Op 10 mei 1884 droeg de heer Berends als voorzitter van de commissie het gedenkteken over aan het gemeentebestuur van Nijmegen. De verworven bekendheid van het kunstwerk blijkt wel uit de vele ansichtkaarten en foto’s waarop het is afgebeeld in de beeldbank.

Nu en dan diende het gedenkteken letterlijk als monument. Zo werden er in 1940 kransen gelegd ter gelegenheid van de elektrificatie van de spoorlijn Arnhem-Nijmegen. Na vijftig jaar was het gedenkteken zodanig in verval geraakt dat het voortbestaan ervan aan een zijden draad hing. In 1938 besloot de raad echter om het standbeeld op te knappen, omdat het Straalmanfonds voor het benodigde geld kon zorgen. De weerkundige instrumenten waren omstreeks deze tijd waarschijnlijk al verdwenen. Sinds 2002 is het gedenkteken een rijksmonument.