vrijdag 22 maart 2013

Nijmeegse schouwburg wordt rijksmonument

De stadsschouwburg in aanbouw (1960)
Let ook op de beelden in het park in
de Van Schaeck Mathonsingel
Bron: Regionaal Archief Nijmegen
De Nijmeegse schouwburg is geselecteerd als rijksmonument van de wederopbouw. Het gebouw maakt deel uit van een selectie van 89 bouwwerken uit de periode 1959-1965, die 18 maart door minister Jet Bussemaker bekend is gemaakt. Hiermee komt het totaal van Nijmeegse rijksmonumenten op 207. De schouwburg wordt het enige Nijmeegse rijksmonument uit de wederopbouwperiode. In 2007 werden al de rijksmonumenten uit de periode 1940-1958 geselecteerd.

De jaren 1940 tot en met 1965 vormen een belangrijke fase van de Nederlandse architectuur- en cultuurgeschiedenis. Het is de tijd van schaarste en herstel van oorlogsschade, maar ook van economische groei, optimisme en vernieuwing. Nijmegen neemt, vanwege de aard en omvang van de verwoestingen tijdens de Tweede Wereldoorlog en het grote aantal burgerslachtoffers, een speciale plaats in binnen de wederopbouwgeschiedenis van Nederland. De relatie tussen vernietiging tijdens de Tweede Wereldoorlog en wederopbouw is in weinig steden zo sterk aanwezig als in Nijmegen. Op 22 februari 1944 verwoestte een geallieerd bombardement de Nijmeegse binnenstad en stationsomgeving. Vanaf september 1944 was Nijmegen frontstad en werd ook het oostelijk deel van het stadscentrum door oorlogshandelingen verwoest.

De stadsschouwburg aan het Keizer Karelplein vormt een van de hoogtepunten van de wederopbouwarchitectuur in Nijmegen. Het gebouw is in 1959-1961 (zie foto's) in opdracht van de gemeente Nijmegen gebouwd, naar een ontwerp van de architecten G.H.M. Holt en B. Bijvoet. Zij ontwierpen onder andere ook de schouwburg in Tilburg.

De Nijmeegse schouwburg bevat elementen van het zogenoemde brutalisme, een bouwstijl die gekenmerkt wordt door een zakelijke en functionele opzet, heldere vormen, een zichtbare betonconstructie en een ruwe materiaalafwerking. De schouwburg staat symbool voor de destijds moderne doelstelling om kunst en cultuur onder brede lagen van de bevolking te verbreiden: niet meer de traditionele cultuurtempel, maar een open, doelmatig en laagdrempelig gebouw voor feestelijke ontmoetingen.

In 2003 werd de Schouwburg al aangewezen als gemeentelijk monument, tegelijkertijd met een aantal andere bouwwerken uit de wederopbouwperiode. Hiermee werd de cultuurhistorische betekenis van gebouw en architect op lokaal niveau onderstreept. Nu is het belang ook op landelijke schaal bevestigd.

Tekst: Hettie Peterse

1 opmerking:

Rob Essers zei

Met het "hoogtepunt van de wederopbouwarchitectuur in Nijmegen" is iets opmerkelijks aan de hand. In de redengevende omschrijving van het gemeentelijke monument staat: "De balkonbalustrades zijn afgeschermd door panelen van rietvlechtwerk."

Ik heb mij door een - inmiddels overleden - Nijmeegse architect laten vertellen dat de balustrades oorspronkelijk waren uitgevoerd zonder deze panelen (op dezelfde wijze als buiten de zaal). Nog voor de officiële opening is hierover kennelijk opwinding ontstaan. Vanuit de zaal zou men de dames op de balkons namelijk onder de rokken kunnen kijken... Zelfs de R.K. geestelijkheid schijnt zich met deze kwestie bemoeid te hebben!

Als (nood)oplossing heeft iemand ijlings bij Vroom & Dreesmann een aantal standaard rieten bedbodems aangeschaft, die keurig aan de open balustrades zijn bevestigd. Al meer dan een halve eeuw zijn deze bedbodems beeldbepalend voor de zaal van de Nijmeegse schouwburg.