vrijdag 20 januari 2012

Een experiment met gel van Gellan gum

Een poosje geleden heb ik een nieuw product besteld waarmee ik deze week aan de slag kon. Het gaat om een geleermiddel wat ook wel in de levensmiddelenindustrie gebruikt wordt. Op een bijeenkomst van vakgenoten had ik al wat gehoord en gezien van dit middel en zijn toepassingsmogelijkheden. Het product heet Gellan gum en je kunt er een gel in vaste vorm mee maken. Je kunt het onder andere toepassen om iets wat opgeplakt is op een snelle en veilige manier los te halen.

Van een collega kreeg ik een object waarmee ik mocht experimenteren, een ets die helemaal vastgeplakt zat op strobord. Strobord is een hele zure kartonsoort en de prent had te lijden van deze slechte keuze. Verkleuring en kleine bruine spikkelvlekjes (foxing) waren al duidelijk zichtbaar.

De traditionele methode van loshalen van een dergelijke prent is een hele tijdrovende klus. Je pelt vanaf de achterkant het karton eraf totdat je een heel dun laagje karton overhoudt wat je vervolgens bevochtigd en stukje voor stukje verwijderd. Het zou dus heel erg fijn zijn als de gellan gum doet wat ik er van verwacht.

Object voor behandeling
Object na behandeling

Plak gel op object
Testen of object los is
Object is half los


Detail voor behandeling

Detail na behandeling

Met grote dank aan de collega voor het vertrouwen en ik ben zelf erg blij met het resultaat.Wat heb ik toch een mooi beroep……

maandag 16 januari 2012

'Union vergeten, dat nooit!'

Clubbladen van sportverenigingen belanden doorgaans na lezing meteen bij het oud papier, waardoor ze al kort na het verschijnen relatief zeldzaam zijn. Dat heeft er ongetwijfeld toe bijgedragen dat de bibliotheek van het Regionaal Archief maar weinig oude clubbladen bevat. Dankzij een particuliere schenking heeft het Archief zijn collectie onlangs kunnen uitbreiden met 66 afleveringen van ‘Union’s Clubblad, officieel orgaan der RKSV Union’ uit de periode 1926-1933.

De RK Sportvereniging Union werd in 1914 opgericht door het Nijmeegse Canisius College voor haar externe leerlingen. De naam ‘Union’ gaf aan dat de vereniging niet alleen mensen samenbracht, maar ook verschillende sporten. Zij is de bakermat van onder meer de huidige voetbalvereniging Union, hockeyvereniging Union, tennisvereniging Union en de in 2004 opgeheven cricketclub Union.

De door het Archief verworven afleveringen van het clubblad maken deel uit van de jaargangen 6 (1926-1927) tot en met 13 (1933-1934). Het blad, dat maandelijks verscheen, vormt een rijke historische informatiebron. Het geeft een gedetailleerd beeld van het reilen en zeilen van de katholieke vereniging op sportief en organisatorisch vlak. Tientallen Nijmeegse bedrijven die in het blad adverteerden en daarmee de clubkas spekten, passeren in woord en beeld de revue.

Datzelfde geldt voor tal van Union-teams en individuele leden. Bijvoorbeeld Leo Raymakers die in 1928 naar ‘de West’ vertrok, maar onder het motto ‘Union vergeten, dat nooit!’ bijdragen bleef schrijven voor het clubblad.

donderdag 12 januari 2012

Begraafplaats Stenenkruisstraat

Op de begraafplaats, gebruikt tussen 1810 en 1905, zijn veel Nijmeegse families begraven. Het is een gemeentelijk monument en in 2010 zijn de kelderdekken hersteld. Teksten en stenen herinneren aan bekende namen en geven bezoekers aanleiding tot refelectie en bezinning. Dit Nijmeegse ‘Père-Lachaise’ is een rijke bron van herinneringen aan alle facetten van het 19e-eeuwse leven.

Een herinnering
Op het Lange Voorhout herdenkt Den Haag, zie foto, sinds 1866 generaal Karel Bernhard van Saksen-Weimar-Eisenach (1792-1862) als "Moedig en beleidvol Krijgsman. Nederland onwankelbaar getrouw”. Hij vocht in de Napoleontische oorlogen, was sinds 1815 in Nederlandse dienst, speelde een belangrijke rol tijdens de Belgische opstand en daarna in het KNIL. Behorend tot de hoge Europese adel had hij familiebanden met de Nederlandse, Engelse en Duitse koningshuizen.
Maar Nijmegen bewaart zijn grootste verdriet. In regel 12 onder nummer 116 ligt zijn oudste zoon Prins Willem Karel. Als 1e Luitenant bij het corps Ingenieurs, Mineurs en Sappeurs tijdens de Belgische opstand gewond geraakt overleed hij in 1839 op 20-jarige leeftijd in Nijmegen.

Refelectie en bezinning

Regel 8 nummer 2 is de kelder van de Nijmeegse familie Quack, een familie van bestuurders en handelaren. Hendrik Pieter Godfried Quack (ca. 1759-1834) was gehuwd met freule Von Carnap uit Elberfeld en eigenaar van landgoed Hoogerhuizen te Neerbosch. Daar staat nu het ‘Slotje van de baron’ aan de Neerbosscheweg. De mooie zandstenen zerk toont symbolen van de eeuwige levenscyclus; de vlinder en de slang die in zijn eigen staart bijt. De tekst in het gebogen lint, op de foto niet leesbaar, stemt tot nadenken en luidt:
‘Dit Verderfelijke moet Onverderfelijkheid aandoen en dit Stoffelijke moet Onstoffelijkheid aandoen’Kleinzoon Hendrik Godfried Pieter Quack was directeur van de Nederlandse Bank. Diens broer was Arnoldus Burchard Adolphus Quack, wethouder in Nijmegen. Met zijn overlijden in 1920 stierf de Nijmeegse tak uit. Hij mocht hier niet meer begraven worden, maar liet wel zijn vermogen na aan de stad.
De relatie van Von Carnap met Elberfeld, nu een stadswijk van Wuppertal, wordt subtiel gememoreerd onderaan de steen, er staat:
‘Paul Trounk Verfertiger in Elberfeld’.

Beide zerken verkeren nog in prima staat.

woensdag 11 januari 2012

Wanneer voor het eerst betalen voor parkeren?

Archief gemeente Nijmegen
1946-1985, Verkeer en vervoer,
inv. nr. 1556
Momenteel is het tijdelijk gratis parkeren in het centrum. Wanneer was dat eigenlijk voor het laatst, oftewel wanneer kwamen de eerste parkeermeters in Nijmegen? In het archief van de gemeente in de rubriek Verkeer en vervoer vond ik een speciale parkeerfolder met daarin de schappelijke prijs van 10 cent voor een half uur, met een maximum van 2 uur parkeren. Betalen kon met dubbeltjes en kwartjes maar "...als U met kwartjes betaalt, krijgt u het teveelbetaalde niet terug." Op een kaartje stonden alle 108 parkeermeters precies aangegeven. Verscheen deze folder in 1969, 1973 of 1978?

Alvast een kleine aanwijzing, in Nederland werd de invoering van de parkeermeter wettelijk mogelijk gemaakt in 1962. Het antwoord is te vinden in het Huis van de Nijmeegse Geschiedenis en de huidige parkeertarieven op de website van de gemeente.

dinsdag 10 januari 2012

Bouwhistorisch onderzoek Griftdijk Zuid 49

Enige tijd geleden was op dit weblog te lezen dat er in het dijkterugleggingsgebied te Lent bouwhistorisch onderzoek uitgevoerd zou gaan worden bij panden die gesloopt moeten worden. Eén van de panden die in dat artikel genoemd werden, was Griftdijk Zuid 49. Van dit pand werd gezegd dat bouwhistorisch onderzoek zou kunnen aantonen of er reeds in de 16e en 18e eeuw bebouwing op deze locatie aanwezig was, zoals historische kaarten uit 1557 en 1780 aangeven.

In september en oktober 2011 heeft het Monumenten Advies Bureau het bouwhistorisch onderzoek uitgevoerd (en inmiddels is het pand gesloopt). Uit dit onderzoek blijkt dat metselwerk in de voor- en zijgevels duidt op een oorsprong in de 17e of 18e eeuw. Oorspronkelijk bestond het pand alleen uit het huidige voorhuis. Pas rond 1880 werd het voorhuis aan de achterzijde uitgebreid. Aan de rechter achterzijde is in deze periode een keuken met schouw gebouwd en er werd een achterhuis geconstrueerd. Links van de keuken werd een bedstede gemaakt. Rond 1900 volgde een nieuwe verbouwing, want toen is het achterhuis uitgebreid en het interieur van het voorhuis aangepast. In het voorhuis werd aan de rechterzijde een kelder gemaakt en de verdiepingsvloer werd verhoogd. De kap van het achterhuis dateert eveneens uit deze periode. Aan de linker zijgevel van het voorhuis werd een rechthoekige uitbouw gemaakt. Deze uitbouw is vermoedelijk rond de Tweede Wereldoorlog weer verwijderd.
In de jaren ’70 van de twintigste eeuw werd het pand grondig verbouwd, waarbij de vensterindeling van de gevels en het tot onlangs nog aanwezige interieur tot stand kwamen. De kelder aan de rechterzijde van het voorhuis werd bij deze verbouwing verwijderd. Enkele jaren geleden is de kapconstructie van het voorhuis nog geheel vernieuwd.

Het bouwhistorisch onderzoek heeft aangetoond dat het pand in elk geval een oudere kern heeft, vermoedelijk nog daterend uit de 17e eeuw. Het gebouw dat op de historische kaart van 1780 staat aangegeven is dus mogelijk Griftdijk Zuid 49 geweest. Het onderzoek heeft verder inzicht gegeven in de uitbreidingen en wijzigen van het pand in de loop der eeuwen.

maandag 9 januari 2012

De vele gezichten van de burgemeester

Burgemeester Theo de Graaf in de schiettent
op de kermis (1972)  Bron: Regionaal Archief Nijmegen

Met het naderende afscheid van burgemeester Thom de Graaf wordt er al weken driftig gespeculeerd wie de ambtsketen zal gaan overnemen. Maar wie waren de voorgangers van de huidige burgemeester?

De hele maand januari is er in de hal van de Centrale Bibliotheek de Mariënburg een selectie foto’s van de na-oorlogse burgemeesters te zien. De foto's geven een bijzonder beeld van de vele verschijnings-vormen van de na-oorlogse Nijmeegse burgemeesters. Wat te denken van burgemeester Charles Hustinx in het reuzenrad, burgemeester Theo de Graaf in de schiettent op de kermis, of burgemeester Hermsen tijdens een spelletje kwartetLoop gerust even naar binnen om een kijkje te nemen! De presentatiewand bevindt zich links in de hal.

Op de Flickr account van het archief is een mooie set van vijftien historische foto’s van de voor-oorlogse burgemeesters te vinden. 

Veel kijkplezier!



zondag 1 januari 2012

Beste wensen van de stadsvischhakker

Naast vuurwerk, oliebollen en goede voornemens is er nog een bijzondere traditie met oudjaar: de beste wensen van de krantenbezorger. Met het langs de deur gaan met een wenskaartje in de hoop wat extra’s te krijgen voor het harde werken, treden de krantenbezorgers in de voetsporen van klokkenluiders, lantaarnopstekers, gasstokers, nachtwakers, tamboers, straatvegers, kolendragers, torenwachters en de stadsvischhakker.

Nieuwjaarsprent van de
stadsvischhakker (1851)
Bron: Regionaal Archief Nijmegen
In de achttiende en zeker in de negentiende eeuw was het namelijk zeer gebruikelijk voor met name gemeentepersoneel om zogeheten nieuwjaarsprenten aan te bieden. Van Schevichaven schreef hier over in zijn al eerder genoemde ‘nieuwjaars-artikel’ en historicus J.M.G.M. Brinkhoff opende met dit onderwerp van 1955 tot en met 1966 het eerste nummer van het tijdschrift Numaga. De kaartjes van de krantenbezorger waren volgens hem “…bleke en verschrompelde nakomelingen van een sterk ras, dat nog geen eeuw geleden op Nieuwjaarsdag de scepter zwaaide: plechtstatige en hoogdravende Nieuwjaarsgedichten, gedrukt op foliovellen en verlucht met een gravure, ets of houtsnede, die een plaatselijk monument of de aanbieder in de uitoefening van zijn beroep voorstellen.”

Brinkhoff behandelde in zijn serie een selectie uit de collectie nieuwjaarsprenten van het toenmalige gemeentemuseum. Ze zijn nu opgenomen in het prentenkabinet van het Valkhof Museum en op internet te bekijken in de Digitale Studiezaal van het archief. De nieuwjaarsprenten bieden, naast “kreupelverzen met een eigen ondefinieerbare bekoorlijkheid”, weer enige kennis van lang verdwenen beroepen. Want wat deden de stadsvischhakker (zie artikel marktwezen), de nachtwaker en de lantaarnopsteker (zie artikel electriciteitswerken)?

Nieuwjaarsprent van de karreman (1731),
de oudste uit de collectie
Bron: Regionaal Archief Nijmegen

Van archivarissen en archeologen ben ik geen nieuwsprent tegengekomen. Misschien iets voor volgend jaar. Gemeentearchivaris Van Schevichaven zal een nieuwjaarswens niet overwogen hebben, gezien zijn sombere bespiegelingen in de intro van zijn artikel: “Nieuwjaarsdag is voorzeker een der meest neerdrukkende, tot treurigheid stemmende dagen van het gansche jaar. Onafwijsbaar dringen zich op dien dag, meer dan op eenigen anderen der 365 of 366, ernstige tot weemoedigheid stemmende gedachten aan ons op.(…) En wat houdt de toekomst voor elk onzer bereid? Zal ons en den onzen nog een jaar vergund zijn, of zullen wij tot het voorgeslacht behooren?”

De huidige medewerkers van het Regionaal Archief Nijmegen, bureau Archeologie en Monumenten en van het Huis van de Nijmeegse Geschiedenis wensen wél iedereen een heel goed en gezond 2012!