vrijdag 26 augustus 2011

Nieuw gebruik Oud gebouw


Nog een paar weken en dan is het  weer Open Monumentendag. Tijdens dit evenement op 10 en 11 september gooien 51 Nijmeegse monumenten gratis de deuren open. Het thema van 2011 is ‘Herbestemming, nieuw gebruik oud gebouw’. Naast monumentenbezoek biedt het weekend heel veel activiteiten, georganiseerd door het Nijmeegs comité Open Monumentendag. De open monumenten zijn te herkennen aan de Open Monumentendag vlag. Kijk voor het complete programmaoverzicht op de website van de gemeente Nijmegen. De programmafolder is ook te verkrijgen op een groot aantal plekken in de stad, o.a. bij Het Huis van de Nijmeegse Geschiedenis en het Gemeentelijk informatiecentrum het Open Huis.
Dit jaar bestaat het evenement (en het Nijmeegs comité) 25 jaar! Reden voor het comité om in 2011 iets extra’s te organiseren: 3 lezingen rondom het thema herbestemming.
Afgelopen maandag 22 augustus vond de aftrap plaats in het Huis van de Nijmeegse Geschiedenis. De eerste lezing ging over de actualiteit van herbestemming. Sprekers waren Ben Verfürden van Hylkema Consultants en Hettie Peterse van de gemeente Nijmegen. Tijdens deze avond passeerden heel veel (Nijmeegse) voorbeelden van herbestemmingen de revue. Daarnaast kwamen ook de dilemma’s die spelen bij herbestemming aan de orde. Want hoe pak je herbestemming van monumentaal erfgoed succesvol aan zonder het erfgoed daarbij te verkwanselen? Dat vraagt om zorgvuldige afwegingen, maar ook om compromissen, je kan per slot van rekening niet alles bewaren. Tijdens de avond werd grote zorg uitgesproken over een groot aantal monumenten dat binnenkort leeg komt te staan of al leeg staat. Wat gaan we bijvoorbeeld doen met de kerken en kloosters van deze stad. Wat blijft er in de toekomst over van Nijmegen als ‘monnikendam aan de Waal’?
Wellicht dat de volgende sprekers hier meer over kunnen vertellen. Op maandag 29 augustus is het woord aan de projectontwikkelaars Adri van Grinsven (Standvast Wonen) en Ton Hendriks (Dornick B.V.). Tijdens deze avond is input vanuit het publiek, die best mag leiden tot pittige discussies, van harte welkom.
De lezingreeks wordt afgesloten op maandag 5 september door de architecten Job Roos (Braaksma & Roos architecten), Frits Borsten (Virtus architecten) en bouwer Giesbers-Wijchen.  
Kaarten zijn een week voorafgaand en op de avonden zelf, vanaf 19.15 uur, af te halen bij het Huis van de Nijmeegse Geschiedenis.

Wie erbij wil zijn, moet zich haasten, want op = op!

donderdag 25 augustus 2011

Wat vindt u van het Regionaal Archief Nijmegen?

De vakanties zitten er weer op, de laatste maand van de zomer is ingegaan, maar er staat een prachtig najaar vol historische activiteiten voor de deur. Wat te denken van de Open Monumenten Dag en de bijbehorende lezingen? Of de Maand van de Geschiedenis, die ook in Nijmegen goed gevuld zal zijn met historische activiteiten.
 
Voor het zover is grijpen wij dit moment graag aan om u te vragen wat u van ons Archief vindt. We zijn erg benieuwd naar uw mening over onze studiezaal en (online) dienstverlening. U als (digitale) bezoeker / gebruiker van het Archief bent onze belangrijkste graadmeter. Hoe tevreden of ontevreden u bent over onze dienstverlening onderzoeken we met enige regelmaat in de Kwaliteitsmonitor Dienstverlening Archieven.

Graag nodigen we u uit deze enquête in te vullen zodat wij nog beter kunnen inspelen op uw wensen. Het invullen van de vragenlijst kost U hooguit 10 minuten. Uiteraard is uw anonimiteit gewaarborgd.

Klik hier om de vragenlijst te openen.

woensdag 17 augustus 2011

Het grote kerkhof op de Hundisberg

Medewerkers van Bureau Archeologie en Monumenten van de gemeente Nijmegen wordt geregeld gevraagd of archeologische maatregelen eigenlijk wel nodig zijn voor zo’n beetje alle voorkomende grondwerkzaamheden in het kader van stedelijke (her)ontwikkelingen (de aanleg van bouwputten, rioolvernieuwing, straatinrichting et cetera). Het antwoord hierop is een volmondig: ‘ja!’ De Nijmeegse bodem herbergt immers een schat aan historische en archeologische informatie. Neem de Hundisburg. Al in de Romeinse tijd vormde het, gelegen langs de weg naar Ulpia Noviomagus, een onderdeel van de grafvelden. Mogelijk heeft er zelfs een tempel of grafmonument gestaan.
Over het gebruik van de locatie de eeuwen erna is niets bekend, totdat in de tweede helft van de dertiende eeuw als opvolger van de oude parochiekerk St. Gertrudis, de St.Steven werd gebouwd en er een kerkhof werd aangelegd. Door de voortschrijdende bebouwing op de helling van de Hundisburg nam dit kerkhof in omvang echter zienderogen af, waardoor de overledenen in de circa zes eeuwen dat het kerkhof heeft bestaan, op een steeds kleiner gebied werden bijgezet. Met name in de negentiende eeuw is het kerkhof flink afgegraven. In 1834 gaan ‘honderden karren aarde en beenderen’ naar de nieuwe begraafplaats aan de Steenenkruisstraat. In 1882 wordt het ‘Hoge Kerkhof’ aan de westzijde zelfs met drie à vier meter tot het huidige niveau verlaagd.

Om zicht te krijgen op de archeologisch kwaliteit van de overgebleven begraafplaats zijn in 2008 en 2010 op een viertal plaatsen proefsleufjes aangelegd. Het resultaat was verassend. Zo blijkt het ingraven van de riolering in 1905 de resterende niveaus van het kerkhof niet wezenlijk verstoord te hebben. Aan de kant van de Stikke Hezelstraat is de begraafplaats zeker vanaf één meter onder het huidige maaiveld intact.

De sleufjes aan de westzijde, het meest intensief gebruikte deel, heeft alleen zwaar muurwerk laten zien, in alle gevallen pal onder de huidige bestrating. Gezien de baksteenformaten, kloostermoppen van 28 en 26 centimeter, behoren de funderingsresten mogelijk tot de oude kerkhofmuur. Aan de zijde van het Gewandhuis is het kerkhof grotendeels verstoord door kabelwerk (voor de kerk), terwijl in de richting van de kanunnikenhuisjes het kerkhof onder het riool weer ongeschonden lijkt te zijn. De mogelijkheid bestaat dat het oudste deel nog goeddeels intact is en dus ook eventueel onderliggende oudere sporen.

Dit alles betekent dat bodemverstorende activiteiten, zoals het aanleggen van de riolering, pas kunnen plaatsvinden nadat op wetenschappelijke en ethisch correcte wijze delen van het kerkhof zijn opgegraven. Tijdens zo’n archeologische opgraving worden zoveel mogelijk gegevens voor later onderzoek vastgelegd en veiliggesteld. Onderzoek op menselijk skeletmateriaal zal zich richten op het bepalen van geslacht, leeftijd, lengte, ziektes, verwondingen, slijtage, afwijkingen en afkomst. Daarnaast kijkt men naar het voorkomen van clusters of groepen van begravingen en naar mogelijke stratigrafie. Dit laatste kan iets vertellen over de opbouw van het kerkhof. De resultaten moeten inzicht geven in eet- en leefgewoontes, ziektes, bevolkingssamenstelling en begrafenisrituelen van de vroegere Nijmeegse bevolking.

Meestal is archeologisch onderzoek de laatste kans om informatie te verzamelen over het (tastbare) verleden van een locatie; dit onderzoek kan immers nooit opnieuw worden gedaan. Alle bodemingrepen, ook de archeologische, zijn destructief. En daarom moeten we er op doordachte wijze mee omgaan.

tekst: Kees Brok
foto's: Rob Mols

dinsdag 16 augustus 2011

Nieuwe Nota Cultureel Erfgoed

Voor de meeste cultuurhistorici is het vanzelfsprekend dat monumenten gekoesterd moeten worden. Niet alleen omdat ze de geschiedenis van de stad weerspiegelen, maar zeker ook omdat het vaak om bijzonder fraaie gebouwen gaat die de identiteit van de stad mede bepalen. Die vanzelfsprekendheid om waardevolle objecten en complexen te willen behouden is niet bij iedereen aanwezig. Daarom is het van belang dat de gemeente vastlegt op welke wijze zij om wil gaan met het erfgoed van de stad.
Het monumentenbeleid van de gemeente dateert uit 2003 en is een integraal onderdeel van de Kadernota Beeldkwaliteit. Sindsdien zijn er op gemeentelijk en landelijk niveau allerlei ontwikkelingen geweest die het noodzakelijk maken om anno 2011 het monumentenbeleid te actualiseren. De eerste stap hiertoe heeft het college vlak voor de zomer genomen; het heeft de Startnotitie Cultureel Erfgoed vastgesteld (zie besluitenlijst 11-07-2011 agendapunt 2.1).

In de startnotitie maakt het college onder andere bekend op welke wijze de gemeente invulling gaat geven aan de verplichting om cultuurhistorische waarden in bestemmingsplannen op te nemen; hoe monumentenzorg en toerisme beter op elkaar afgestemd kunnen worden en hoe de gevolgen van het landelijke project Modernisering Monumentenzorg in de gemeentelijke praktijk gaan doorklinken. Een belangrijk nieuw aspect van het gemeentelijke cultuurhistoriebeleid betreft de aandacht voor duurzaamheid. Het gaat daarbij niet alleen om het terugdringen van energieverbruik, maar zeker ook om het uitgangspunt dat bij herontwikkelingen in de stad serieus bestudeerd moet worden of bestaande bebouwing (ook niet-monumenten) bij die nieuwe ontwikkelingen voor herbestemming ingezet kunnen worden.

De startnotitie zal in het najaar met de gemeenteraad besproken worden. Ook volgt er een rondetafelgesprek met organisaties die zich inzetten voor cultuurhistorie. Uiteindelijk zal er in 2012 een actuele en toekomstbestendige Nota Cultureel Erfgoed verschijnen.

donderdag 11 augustus 2011

voetstappen uit de prehistorie

Bij recente opgravingen in de Waalsprong hebben archeologen van de gemeente Nijmegen prehistorische menselijke voetsporen gevonden. Deze zijn tussen 2500 – 1000 voor Chr. achtergelaten in de kleiige oeverzone van een geul. In de Waalsprong zijn nog niet eerder voetafdrukken uit de prehistorie aangetroffen, en ook in de rest van Nederland zijn ze zeldzaam.

Het gaat om de afdruk van een paar kleine voeten en afdrukken van groter formaat, waarschijnlijk van een kind en een volwassene. Mogelijk droeg de volwassene schoeisel.

Op de foto links is de geul als een donkere baan te zien. Aan de zuidkant de kleiige oeverzone van de geul, waarin de hoefadrukken en voetsporen zijn aangetroffen.
Van de voetsporen zijn gipsafdrukken genomen, zodat deze verder bestudeerd kunnen worden. Naast de voetafdrukken zijn ook veel hoefafdrukken aangetroffen. Nader onderzoek moet nog uitwijzen welke dieren in het verleden op deze plek hun dorst hebben gelest.


In die tijd (2500-1000 v. Chr.) woonde er in het gebied dat nu de Waalsprong wordt genoemd, een boerenbevolking die graan verbouwde en runderen, varkens, schapen en geiten hield.

De voet- en hoefafdrukken zijn gevonden in de bedding van een van de vele geulen die in het verleden door het gebied van de Waalsprong kronkelden. Deze geulen zijn gevormd en weer dichtgeslibd tussen 2500 en 1000 voor Chr., in de jonge steentijd en de bronstijd.



Tekst: Femke de Roode/Mieke Smit/Peter van de Broeke
Foto’s: veldfoto’s BAMN & foto’s Rob Mols


woensdag 10 augustus 2011

Ontdekkingstocht door middeleeuws Nijmegen

Foto: Anneke Lambrechts
De begeleide Marikenwandelingen die het Huis van de Nijmeegse Geschiedenis deze zomer verzorgt, zijn een succes. Ondanks het soms matige zomerweer hebben de wandelingen door middeleeuws Nijmegen enkele honderden bezoekers getrokken, van jong tot oud. De wandeling doet bekende historische plekken aan, zoals het Valkhof en de Grote Markt. Maar ook verborgen plekjes, waaronder het laatmiddeleeuwse Cellenbroederenhuis en de grote zaal van een echt stadskasteel uit de veertiende eeuw.

De Marikenwandeling onder begeleiding van een gids wordt nog tot en met donderdag 25 augustus gehouden op elke woensdag en donderdag om 14.00 uur. Beginpunt is het Huis van de Nijmeegse Geschiedenis in de Mariënburgkapel. Aanmelden is niet nodig, tenzij u met een grote groep tegelijk wilt komen. Bel dan een dag tevoren 024-3293699.

De route is in de Mariënburgkapel ook als wandelgids te verkrijgen, zodat je middeleeuws Nijmegen op eigen gelegenheid kunt ontdekken. Het boekje met kaart kost slecht € 3,50 en bevat ook nog kortingsbonnen voor horeca en andere Nijmeegse middenstand.

maandag 8 augustus 2011

Twee meter verenigingsarchief

Onlangs zijn de toegangen van twee kleine archieven op internet geplaatst. Samen beslaan ze precies twee meter. Elk is afkomstig van een vereniging die is opgericht tussen de twee wereldoorlogen van de vorige eeuw. Maar daar houdt de overeenkomst wel op. Want wat een wereld van verschil tussen die twee verenigingen!

De oudste is de Nijmeegse Lyceumclub, in 1925 opgericht en nog altijd actief. Zij maakt vanaf het begin deel uit van de International Association of Lyceumclubs. Deze organisatie komt voort uit de vrouwenbeweging en heeft haar wortels in Londen, waar in 1904 de eerste Lyceumclub werd opgericht naar het voorbeeld van de herensociëteit.

Obligatie 1925 (inv.nr.31)
Lyceumclubs boden vrouwen de gelegenheid elkaar op neutraal terrein te ontmoeten, kennis te nemen van elkaars werk, zich te ontwikkelen door het lezen van boeken en tijdschriften, vergaderingen en lezingen bij te wonen en in elkaars clubhuis te logeren.

Een eigen gebouw was dan ook een must. Dankzij een obligatielening, waarop voldoende kapitaalkrachtige dames of hun echtgenoten intekenden, kon de Nijmeegse Lyceumclub in 1925 het pand Sloetstraat 1 kopen. In 1975 verkocht de club het pand weer wegens te hoge onderhoudskosten en sinds 1979 vergadert zij in Hotel Rozenhof.

Het archief beslaat een halve meter en loopt over de periode 1925-2009. Hoewel het niet compleet is, biedt het genoeg aanknopingspunten om een beeld te krijgen van deze vereniging die voortkwam uit de maatschappelijke en intellectuele bovenlaag van Nijmegen en omgeving.


De tweede vereniging, Uitvaartverzekeringsmaatschappij St. Barbara, vertegenwoordigt een heel andere kant van het leven en is een kind van de economische depressie van de jaren dertig. Een sterfgeval betekende toen voor mensen met een laag inkomen een dubbele ramp vanwege de hoge begrafeniskosten. 

Voorzijde brochure 1955 (inv. nr. 71)
Om hierin verandering te brengen werd vanuit de afdeling Nijmegen van de Roomsch-Katholieke Werknemersvereniging (RKWV) in 1935 Begrafenisfonds St. Barbara opgericht. Dit fonds vergoedde de kosten van uitvaart en begrafenis in natura, ongeacht de hoogte daarvan. Dit was nieuw en de leden stroomden dan ook toe.

Nadat de katholieke kerk in 1959 het crematieverbod had opgeheven, bood St. Barbara ook een crematieverzekering aan. Dit was een relatief kostbare zaak, omdat in Nijmegen en naaste omgeving geen crematorium stond. St. Barbara was dan ook een van de partijen die vanaf 1968 voor de bouw ervan lobbyde, wat pas in 1985 succes had met de opening van het crematorium Jonkerbosch.

In 2007 fuseerde St. Barbara met DELA, een voor de hand liggende partner, want net als St. Barbara was het een van oorsprong katholieke coöperatieve vereniging ‘opgericht om iedereen een waardige uitvaart te kunnen garanderen’.

Het archief beslaat anderhalve meter en loopt over de gehele bestaansperiode van de vereniging, 1935-2006. Meer informatie over de inhoud ervan vindt u in de inleiding.

dinsdag 2 augustus 2011

Zoeken in de 200-jarige burgerlijke stand

De belangrijkste bron voor onderzoek naar je voorouders uit de negentiende en twintigste eeuw viert dit jaar het 200-jarig bestaan. De burgerlijke stand is namelijk in 1811 in Nederland door de Fransen ingevoerd. Op de website van het Huis kun je meer lezen over de eerste geboorte-, huwelijks- en overlijdensakten in Nijmegen. Maar hoe werkt dat precies, onderzoek doen in de burgerlijke stand?

Eerste Nijmeegse akte van de burgerlijke
stand. Aangifte op 1-1-1811 van het
overlijden van Jeanne van Aalst.

Genlias
De aktes van de burgerlijke stand van Nijmegen en omliggende gemeenten zijn in de studiezaal van het Regionaal Archief Nijmegen in te zien op microfiches of in origineel. In dit overzicht (PDF-bestand) staan alle beschikbare (openbare) akten.

Steeds meer bronnen, zeker voor stamboomonderzoek, komen ook op internet beschikbaar. Bij de burgerlijke stand moet daarbij onderscheid worden gemaakt tussen scans van de akten en de zogenoemde toegangen of indexen. Vrijwilligers bij archieven hebben namen en gegevens uit de akten in een database ingevoerd waardoor makkelijk in die duizenden aktes gezocht kan worden. Met een verwijzing (bijvoorbeeld huwelijksaktenummer 68 in het jaar 1856) kan dan snel de juiste akte in het archief ingezien of besteld worden. In sommige gevallen is de akte meteen online te zien en te downloaden, al dan niet tegen betaling.

Een groot aantal indexen op de burgerlijke stand van Nijmegen en op een groot deel van de akten van de regiogemeenten is te vinden op de website Genlias (zie overzicht ingevoerde akten Gelderland).  Hier kan alleen gezocht worden óf er een akte is, de akte zelf moet besteld worden of (gratis) in het archief ingezien worden. Er zijn inmiddels vergevorderde plannen voor een opvolger van Genlias: Wiewaswie. Hierop zullen ook scans van de aktes te vinden en te downloaden zijn, tegen een kleine vergoeding in de vorm van abonnementen. Het Gelders Archief is een van de deelnemers van Wiewaswie en heeft de burgerlijke stand van alle gemeenten in Gelderland in beheer.

Familysearch en Genver
Toch zijn er nu al scans van de burgerlijke stand van Nijmegen om op internet te vinden. Op Familysearch, een website van de Mormomen, staan namelijk genealogische bronnen uit de hele wereld (lees hier meer over de achtergrond). Om enigszins de weg te vinden in dit enorme aanbod wordt op de website Genver een actueel overzicht bijgehouden van de Nederlandse bronnen (overzichten Nijmegen en Gelderland).

Op Familysearch zijn dus wel de scans te vinden maar ontbreken de gegevens uit de indexen waardoor eerst (op Genlias) het juiste aktenummer gezocht moet worden waarna in het betreffende jaar de juiste scan gevonden kan worden. De kwaliteit van de scans laat soms wel te wensen over maar deze zijn niettemin gratis voor iedereen beschikbaar!