woensdag 20 juli 2011

Opgegraven schuilloopgraven

Wedren, kleurenopname van een schuilplaats. Fotocollectie Regionaal Archief Nijmegen
Wedren, kleurenopname van een schuilplaats
(fotocollectie Regionaal Archief Nijmegen)
De onverwachte vondst van een schuilloopgraaf op de kop van de Van Schaeck Mathonsingel leidde begin dit jaar tot enige commotie, toen ook deze gedeeltelijke moest wijken voor een nieuwe parkeergarage. De afgelopen jaren zijn bij archeologisch onderzoek (Kronenburgerpark, Berg en Dalseweg) vaker dit soort schuilplaatsen waargenomen. Telkens kwamen ze onverwacht tevoorschijn, waardoor behoud of visualisatie niet meer mogelijk waren. Om dit een volgende keer te voorkomen zou een lijst of kaart met alle locaties uitkomst bieden.

Dit bleek helaas minder eenvoudig, het door kogel- of scherfschade beschadigde archiefstuk over de aanleg bevatte wel correspondentie en begrotingen, maar een plan, inventaris of bouwtekening ontbrak. Onverwacht bood het archief van de Reinigings- en Ontsmettingsdienst uitkomst. Dankzij een schoonmaakrooster uit 1943 beschikken we nu over een inventaris van alle 105 schuilloopgraven. Deze speurtocht bracht tegelijk iets van de geschiedenis achter deze “vergeten” Nijmeegse schuilloopgraven aan het licht.

Aanleg van een schuilplaats voor de Tweede Wereldoorlog ter hoogte van het Julianapark. Fotocollectie Regionaal Archief Nijmegen
Aanleg van een schuilplaats
ter hoogte van het Julianapark.
(fotocollectie Regionaal Archief Nijmegen)
In voorbereiding op een eventuele aanval kregen gemeentebesturen de opdracht een beschermingsplan op te stellen ter verdediging van de bevolking tegen luchtaanvallen. Het in Breda toegepaste systeem, waarbij schuilloopgraven in parken en plantsoenen werden aangelegd, werd onderzocht en op 28 augustus 1939 kwam de Nederlandsche Heidemaatschappij met een plan voor de aanleg van 1200 meter schuilloopgraaf. Per telegram liet de Minister van Sociale Zaken weten dat het geen bezwaar was de aanleg in werkverschaffing uit te voeren, er kon gestart worden.

“Het is de bedoeling, dat in tijden van gevaar het publiek, dat dan op straat vertoeft in die loopgraven beschutting vindt tegen eventueele uiteenspattende granaatscherven.”
(De Gelderlander 6 september 1939)

Begin september 1939 begint men onder leiding van de Ned. Heidemaatschappij met de aanleg van 120 schuilloopgraven, uiteindelijk worden er 105 gerealiseerd.

“Er zijn ruim 100 openbare schuilloopgraven op verschillende punten van de stad. Deze zijn alle overdekt. De open loopgraven zijn ondeugdelijk gebleken. Het is dus een gelukkige omstandigheid, dat Nijmegen van den aanvang af overdekte loopgraven heeft gemaakt.”

(
De Gelderlander vrijdag 8 november 1940)
Na de Tweede Wereldoorlog worden de schuilloopgraven (gedeeltelijk) afgebroken, wanneer precies is echter niet duidelijk. Het lijkt erop dat de meeste loopgraven nog onder de huidige bestrating of plantsoenen schuil gaan. Waarschijnlijk werd alleen het herbruikbare materiaal verwijderd en werd de betonnen kuip met zand dichtgegooid om ze zo aan het oog te onttrekken. Daarna zijn ze snel in de vergetelheid geraakt.

Geen opmerkingen: